Artikelen van Emilio Grasso



OASES BIEDEN IN DE WOESTIJNEN VAN HET LEVEN

 

De boodschap die aan het slot van de 13e algemene gewone vergadering van de bisschoppensynode aan het volk van God werd gestuurd, geeft al een oriëntatie, ook al laat zij de Heilige Vader alle vrijheid van uitwerking en uitdrukking, om te kunnen begrijpen wat de belangrijkste thema’s zijn van de apostolische exhortatie die deze bisschoppensynode zal afsluiten.

Bij een eerste lezing lijkt het mij te kunnen zeggen dat deze stelling van de synodevaders centraal staat: “Het gaat er niet om wie weet wat voor nieuwe strategieën uit te vinden, alsof het evangelie een product is dat op de markt van de godsdiensten moet worden gebracht, maar opnieuw de manieren te ontdekken waarop in het Jezus-gebeuren de mensen zich bij Hem hebben aangesloten en door Hem zijn geroepen om diezelfde wijzen in te brengen in onze tijd”.

Daarom worden wij geroepen tot een “veelvuldig lezen van de Heilige Schrift, dat wordt verlicht door de overlevering van de Kerk, die ze ons leert en waarvan zij de authentieke verklaarder is”.

“De Kerk is de ruimte die Christus in de geschiedenis biedt om Hem te kunnen ontmoeten, omdat Hij haar zijn Woord heeft toevertrouwd, het doopsel dat ons tot kinderen van God maakt, zijn Lichaam en zijn Bloed, de genade van de vergeving van de zonde, vooral in het sacrament van de verzoening, de ervaring van een gemeenschap die een weerspiegeling is van het mysterie zelf van de Drie-eenheid, de kracht van de Geest die liefde voor allen voortbrengt”.

Wie is de Kerk?

Dientengevolge is de centrale vraag nog eens opnieuw die welke een van de grootste theologen van de 20ste eeuw, Hans Urs von Balthasar, stelde en op een bepaalde manier weer wordt opgepakt in Redemptoris missio van Johannes Paulus II.

Ik neem de vrijheid om de desbetreffende tekst te vermelden die reeds door mij is bewerkt voor een voorafgaand Dossier, verschenen op ons blad “Missione Redemptor hominis”:

“De huidige theologie brengt het thema van de locale Kerk weer  ter sprake als probleem van wie de Kerk is (niet van wat de Kerk is). Von Balthasar stelde zich twee vragen: ‘Waar is dan die columba immaculata?’ en ‘welke Kerk, wie in de Kerk kan mij helpen?’. Johannes Paulus II hamert op het feit dat ‘het niet volstaat om de pastorale methoden te vernieuwen noch om de kerkelijke krachten beter te organiseren en te coördineren noch om meer nauwkeurig de bijbelse en theologische grondslagen van het geloof te bestuderen. Het is nodig om een nieuw vuur van heiligheid onder de missionarissen en in heel de christelijke gemeenschap op te wekken’ (Redemptoris missio, 90)”. Welnu, als ons leven niet zozeer een vervulling is van een objectieve norm, als wel nu juist de verwezenlijking van een relatie, moeten wij ons ervoor inzetten om de relatie te herkennen die de mensen met Christus en vooral die in zijn kring hebben gehad, een relatie die tot stand is gekomen ter lering van ons”.

Na de publicatie van de 58 propositiones door de synodevaders heeft een oplettende en deskundige Italiaanse vaticanist zoals Giacomo Galeazzi geschreven dat de propositiones “een milde zelfkritiek” zijn “op de schandalen en een algemeen beroep op een opnieuw lanceren van het geloof. Zeer veel plechtige intentieverklaringen, maar weinig concrete oplossingen voor de meest heikele kwesties die op tafel liggen. De berg heeft een muisje gebaard”.

Ik voor mij blijf bij wat ik vanaf mijn jongste jaren altijd hebt gezegd na als door de bliksem te zijn getroffen door het lezen van een artikel van Georges Bernanos: “Wie de Kerk wil hervormen met dezelfde middelen als die men gebruikt om een maatschappij van deze wereld te hervormen, die mislukt niet alleen in zijn onderneming, maar eindigt absoluut zeker buiten de Kerk, nog voordat iemand hem buiten heeft gesloten; ik zeg dat hij zich van zichzelf buiten sluit door een soort tragische onvermijdelijkheid. ... Men hervormt de Kerk door voor haar te lijden, men hervormt de zichtbare  Kerk door voor de onzichtbare Kerk te lijden. Men hervormt de gebreken van de Kerk alleen door zich in te spannen het voorbeeld te geven van haar meest heroïsche deugden”.

In de postsynodale boodschap vind ik geschreven: “Het is noodzakelijk vorm te geven aan gastvrije gemeenschappen, aan concrete ervaringen van gemeenschap, die met de brandende kracht van de liefde de ontgoochelde blik van de huidige mensheid op zich te richten. Het is aan ons ervaringen van Kerk zijn concreet toegankelijk te maken, de bronnen te vermenigvuldigen waarnaar men mannen en vrouwen die dorst hebben, kan uitnodigen, en hen daar Jezus laten ontmoeten, oases aan te bieden in de woestijnen van het leven. Aan ieder is een onvervangbaar getuigenis toevertrouwd, opdat het evangelie het bestaan van allen kan kruisen; daarom wordt van ons heiligheid van leven gevraagd”.

Mij lijkt dit het wezenlijke te zijn. Aan ieder van ons is het een historische vorm te geven aan het Gelaat waarnaar alle mensen, ook al is dat op een athematische wijze, streven.

Liefhebben en ontmoetingsruimten bouwen waar men elkaar liefheeft, zoals Jezus ons heeft liefgehad, is iets dat ons toebehoort krachtens het sacrament van het doopsel.

Om lief te hebben hoeven wij aan niemand toestemming te vragen.

Liefhebben wil ook zeggen vrij zijn, omdat liefde en waarheid altijd samengaan. En - zoals in het evangelie van Johannes staat geschreven - alleen de waarheid maakt ons vrij.

“Waarop moeten wij anders wachten”?... Wie verhindert ons onze vrijheid te beleven, die voortkomt uit het aanvaarden van de waarheid?...


 Emilio Grasso


(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

03/11/2012