Italiano Español Nederlands Français
Home arrow Thema’s van Spiritualiteit ▸ arrow Thema's van Spiritualiteit/14. Gerechtigheid en barmhartigheid. De twee voeten van God
Afdrukken Verzenden naar een vriend


Thema's van Spiritualiteit/14   



GERECHTIGHEID EN BARMHARTIGHEID

De twee voeten van God


Wij hebben vaak nagedacht over Jezus als "Goede Herder", en ons laten fascineren door het beeld van degene die de negenennegentig schapen veilig achterlaat om op zoek te gaan naar het verlorene.

Jezus heeft ons echter ook een andere gelijkenis voorgesteld, die van de "barmhartige Vader" waarin er geen sprake is van een zoektocht naar de "verloren zoon". Hier wacht de Vader geduldig, tegen alle hoop in, op de terugkeer van de zoon.

Jezus zelf leert ons deze twee verschillende houdingen, die elkaar lijken tegen te spreken. We moeten echter niet stil blijven staan bij de schijnbare tegenstrijdigheid die uit hun vergelijking te voorschijn komt, maar beide aspecten aanvaarden om het mysterie van zijn persoon steeds beter te kunnen begrijpen.

Op dezelfde manier kunnen we verrast worden door het feit dat Jezus, als hij zijn leerlingen op missie uitzendt, hun zegt alleen naar de verloren schapen van het huis van Israël te gaan (vgl. Mt 10, 5-6). Pas daarna zal Hij hun de opdracht geven de reikwijdte van hun missie tot "alle volken" (Mt 28, 19) uit te breiden, om het Evangelie te verkondigen aan "elk schepsel" (Mc 16, 15).

Jezus' optreden in woorden en daden kan op sommige terreinen tegenstrijdig lijken. Soms komt Hij te voorschijn als hard en onwrikbaar zoals in de gebeurtenis in de tempel, wanneer hij de marktkramers, die er een marktplaats van hadden gemaakt, in alle heftigheid wegjaagt (vgl. Joh 2, 15-16). Of wanneer Hij weigert, in het begin van het gesprek, de Kananese vrouw te helpen en haar als vreemdelinge met een hondje vergelijkt waarnaar het brood dat bestemd is voor de kinderen niet mag gegooid worden. Ze verdient, dus, geen aandacht van God (vgl. Mt 15, 22-26).

Men zou zich in al deze verhalen kunnen afvragen wat er gebeurd is met de goedheid van de Heer die in het hele evangelie wordt gepredikt wetend dat uitdrukkingen zoals "de andere wang toekeren" en "tot zeventig maal zeven maal vergeven" aan Jezus de vermaardheid van wijs bezorgden niet alleen bij de christenen maar ook bij vele volkeren.

Jezus onderhoudt geen anonieme relatie met de mensen die hij ontmoet. In elke omstandigheid laat Hij zich tot op de bodem betrekken en het is daarom dat er in Hem zowel de diepste tederheid ontstaat als de meest gewelddadige woede. Maar Jezus blijft altijd dezelfde en wat uit Hem voortvloeit, zelfs in de meest tegenstrijdige houdingen, is altijd liefde die hij aan de mensen wil meedelen. Jezus openbaart, bij elke gelegenheid, de liefde van de Vader die hem gezonden heeft, en zo laat hij zowel de gerechtigheid als de barmhartigheid van God zien. In zijn leer, net als in zijn leven, toont hij ons een God die weet een kind te worden, om de mens de weg van het heil te tonen, maar ook een diep rechtvaardige God tegenover degenen die weigeren zijn barmhartigheid te ontvangen.

De heilige Bernardus helpt ons deze twee aspecten begrijpen die we moeilijk weten te harmoniseren met het gevolg dat we vaak in een van beide uitersten vallen.

In zijn commentaar op het VIde Sermoen over het Hooglied, spreekt Bernardus van de gerechtigheid en van de barmhartigheid, en vergelijkt ze met de twee voeten van God. Er zijn twee Bijbelse passages waarop hij zich baseert. De eerste komt uit het boek der Psalmen: "Zit aan mijn rechterhand, totdat ik uw vijanden leg als een voetbank voor uw voeten" (Ps 110, 1). De tweede komt uit het evangelie van Lucas, waarin men vertelt van de zondares van wie de zonden worden vergeven omdat ze, geknield bij de voeten van Jezus ze met haar tranen waste en met haar haren afdroogde (Lc 7, 36 v).

Bernardus werd geïnspireerd door de passage van het Hooglied, waarin de bruid haar Bruidegom bewondert. Ze zegt dat zijn benen als zuilen van albast zijn, rustend op voetstukken van zuiver goud (vgl. Hoogl 5, 15). Bernardus vergelijkt een voet van God met de gerechtigheid en de andere met de barmhartigheid. Bernardus is van mening dat deze termen bij elkaar worden gevonden in verschillende passages van de Heilige Schrift.

De bruid van het Hooglied heeft goede redenen om de benen van haar Bruidegom te prijzen, want de "barmhartigheid" en de "waarheid" ontmoetten elkaar in harmonie, in de wijsheid van God (vgl. Ps 85, 11-14), en alle wegen van God zijn genade en waarheid (vgl. Ps 25, 10).

De tekenen van de aanwezigheid van een rechtvaardige en barmhartige God worden in de mens herkend door twee houdingen: de vrees voor God en de hoop. De vrees voor God verwijst naar het oordeel; de hoop verwijst naar de barmhartigheid.

De Heer heeft welbehagen in wie Hem vrezen en hopen op zijn barmhartigheid (vgl. Ps 147, 11). Als de vrees voor God het begin is van de wijsheid (vgl. Ps 111, 10; Spr 9, 10), is de hoop de voortzetting daarvan en de liefde de voltooiing.

In navolging van de zondares van het evangelie is het dus met nederigheid dat we moeten knielen en de voeten van de Heer kussen. Toch zijn het beide voeten die gekust dienen te worden, want als wij alleen maar de voet van het oordeel kussen, kunnen we in de wanhoop verzinken, en als wij alleen die van de barmhartigheid kussen, kunnen we terecht komen in een gevaarlijk zelfzekerheidgevoel.

Daarom trekt Bernardus de conclusie dat wij met vroomheid beide voeten van de Heer moeten kussen. Niettemin, als we meer door wroeging gekweld worden en de barmhartigheid vergeten om slechts aan het oordeel te denken, dan voelen we ons overladen met verwarring, neergeveld door een vreselijke angst, verzonken in de diepste duisternis. Als wij, integendeel, het oordeel vergeten en ons alleen op de barmhartigheid richten, dan installeren we ons in de slordigheid en in de onverschilligheid, dan wordt ons gebed lauw, onze activiteit trager en worden wij onderworpen aan een grote onstandvastigheid.

Onderricht door de ervaring, moeten we ons niet tevreden stellen met het mediteren slechts over het oordeel of slechts over de barmhartigheid van de Heer, maar ze beide samen bezingen. De Ene bezingen die ze beide in zichzelf samenvoegt.

Sandro Puliani

14/09/2010

 
Website van de missionaire Gemeenschap Redemptor hominis