Italiano Español Nederlands Français
Home arrow Latijns-Amerika arrow Leven van de parochie van Ypacaraí arrow Voor een nieuwe overeenkomst op het gebied van de opvoeding/2
Afdrukken Verzenden naar een vriend



  VOOR EEN NIEUWE OVEREENKOMST OP HET GEBIED

VAN DE OPVOEDING/2

De parochie Sagrado Corazón de Jesús van Ypacaraí,

  de scholen en de gezinnen

 

 

   

De eclips van de vader

De angst om te verbieden die men tegenwoordig vaststelt, laat in het bijzonder de crisis van de vaderfiguur zien. Talrijke psychologen en opvoeders zien in de afwezigheid van de vader een van de kenmerken van onze maatschappij: een gebrek aan het beginsel van autoriteit, aan de bewustwording van de beperking, van de begrensdheid, of aan het bewustzijn van de onvermijdelijke onevenredigheid tussen verlangens en verwezenlijking, van het verschil dat er altijd zal zijn tussen aspiraties en werkelijkheid. Het leven is echter het accepteren van de beperking. Het is vol moeilijkheden en weerstand, die voortdurend "nee" tegen het individu zeggen, het ertoe brengen te begrijpen dat het niet het middelpunt van het universum is, dat het moet leren met de anderen te leven en op de juiste wijze de waarde van de dingen op prijs te stellen: zij komen niet uit de hemel vallen, maar zijn de vrucht van het offer van de ouders.

Een van de risico's van deze "dood van de vader", om een uitdrukking van verschillende hedendaagse denkers te hernemen, is dat het paar moeder-kind een te enge band vormt, zonder een gezonde scheiding. En de psychoanalyse leert dat alleen wanneer het kind zich realiseert dat de moeder niet volledig tot zijn beschikking staat, het autonoom op de juiste wijze de reis kan beginnen in de buitenwereld.

Voor wie geen echte vader heeft gehad, zal vervolgens het zoeken naar een surrogaat onvermijdelijk zijn dat wordt vereenzelvigd met wat orde, autoriteit, zekerheid, respect voor de traditie inboezemt. Dit voert vaak tot verschillende vormen van starheid, ofwel tot het onvermogen om een juiste interactie te hebben met de omgeving: wie voor zichzelf een vader fabriceert die hij niet heeft gehad, eist dat allen zich voegen naar zijn criteria.

In Paraguay worden veel kinderen in feite grootgebracht door iemand die zich madre soltera (alleenstaande moeder) wordt genoemd, belast met de dubbele rol van vader en moeder. Hoeveel bewondering men ook kan hebben voor de kracht waarmee deze vrouwen de zorg voor kinderen op zich nemen, het blijft een feit dat moeder geen vader is, evenals zij niet de beste vriendin van haar dochter kan zijn. Ouders moeten een duidelijk bepaalde identiteit hebben.

Bij de angst om te verbieden komt ook nog een tweede moeilijkheid voor de ouders: die van het afstand doen van hun verantwoordelijkheid door zich buiten te sluiten van de opvoeding van hun kinderen.

Dit is een probleem waarop paus Franciscus precies de aandacht heeft gevestigd: "Er heeft een vermenigvuldiging plaatsgevonden van zogenaamde 'deskundigen' die de rol van de ouders ook in de meest intieme aspecten van de opvoeding in beslag hebben genomen. Over het gevoelsleven, de persoonlijkheid en de ontwikkeling, rechten en plichten weten de 'deskundigen' alles: doeleinden, motiveringen, technieken. En de ouders moeten alleen maar luisteren, leren en zich aanpassen. Beroofd van hun rol, worden zij vaak buitensporig bezorgd en bezitterig ten opzichte van hun kinderen en corrigeren zij hen zelfs niet: 'Jij mag je kind niet corrigeren'. Zij neigen ernaar hen steeds meer toe te vertrouwen aan de 'deskundigen', ook wat betreft de meest delicate en persoonlijk aspecten van hun leven en gaan alleen in een hoek zitten; en zo lopen de ouders tegenwoordig het risico zich uit het leven van hun kinderen buiten te sluiten. ... Het is duidelijk dat deze opzet niet goed is: hij is niet harmonisch, niet dialogisch en in plaats van de samenwerking tussen gezin en andere opvoedingsinstanties, school, sportvereniging te bevorderen... stelt hij deze tegenover elkaar"[1].

De Kerk herhaalt tegen de ouders dat zij de eerste verantwoordelijken voor hun kinderen zijn, niet de deskundigen, de school, de staat of de Kerk. In de christelijke visie gaat het gezin vooraf van goddelijke instelling, zoals Gaudium et spes herhaaldelijk stelt , aan de staat, aan de maatschappij, aan de school, die menselijke instellingen zijn. Andere instellingen of instanties hebben ten opzichte van het gezin alleen maar een ondersteunende functie, maar de verantwoordelijkheid blijft van de ouders, die deze niet kunnen delegeren of zich ervan kunnen ontdoen. Hun behoort de eerste en fundamentele opvoeding, die men niet zozeer met woorden doorgeeft, maar veeleer met het voorbeeld en de stijl van leven en die in het hart geschreven blijft, zolang men leeft.

De ouders hebben de eerste ervaring, die van de liefde: zij zijn de ware deskundigen. Psychologen, sociologen, communicatiedeskundigen, therapeuten en anderen zijn heel nuttig, maar de grootste ervaring is die van de liefde. Het is logisch te verwachten dat de ouders de eersten zijn om lief te hebben, dus zich in de meest aangewezen positie bevinden om te leren en niet zomaar een of andere tekst open te slaan, maar het boek van hun eigen ervaring, geschreven met bloed, zweet en tranen.

Dat de rol van het gezin onmisbaar is, dat weten overigens de docenten zelf, die op de proef worden gesteld door de moeilijkheden die zij tegenkomen, wanneer zij te maken hebben met jongeren die geen gezin hebben om hen op de juiste wijze te ondersteunen.

De docenten

Ook het onderwijs maakt een crisis door.

Het gebeurt steeds vaker dat, als een leraar maar ook een trainer, een catechist, buren  een kind of een adolescent berispt, hij te maken krijgt met de ouders, die hem van incompetentie beschuldigen of zeggen dat hij liegt.

Dit is wat paus Franciscus zelf tijdens een audiëntie voor opvoeders opmerkte, toen hij ook verwees naar persoonlijke herinneringen: "In de vierde klas lagere school toonde ik eens niet genoeg respect voor de juffrouw en de juffrouw liet mijn moeder roepen. Mijn moeder kwam, ik bleef in de klas, de juffrouw ging naar buiten. Daarna riepen ze mij en mijn moeder zei heel rustig tegen mij ik vreesde het ergste : 'Heb jij dat en dat en dat gedaan? Heb jij dat tegen de juffrouw gezegd?'. 'Ja', antwoordde ik. 'Bied haar je excuses aan'. En zij deed mij haar mijn excuses aanbieden. Ik was gelukkig. Ik was er goed vanaf gekomen. Het tweede hoofdstuk was er echter, toen ik thuis kwam! Tegenwoordig schrijft, althans op veel scholen in mijn land, de juffrouw een opmerking in het schrift van een kind en de dag erna klagen de vader of de moeder haar aan"[2].

Een laag cijfer, laten zakken, een berisping worden beleefd als een negatief oordeel over het vermogen vader en moeder te zijn, vooral wanneer de ouders, die in hem een bewonderde professional of een toekomstige sport of filmster zien, grootste verwachtingen hebben van het kind.

Zo beschuldigen de gezinnen de docenten dat zij de kinderen niet begrijpen en slecht, of weinig werken.

De docenten worden niet alleen beschuldigd, maar ook nog eens slecht betaald. Het is gemakkelijk, wat dit betreft, te vervallen in de holle retoriek van te verkondigen dat het onderwijs een roeping en een zending is. Dit is een frase die ook wordt gebruikt met verwijzing naar veel beroepen, wanneer men daaraan niet de juiste economische erkenning wil geven. Het onderwijs is een beroep dat moet worden uitgeoefend met de competentie en voorbereiding die men alleen kan verwerven door te beschikken over de noodzakelijke, ook geldelijke, middelen. Het is derhalve terecht dat docenten een loon krijgen dat het hun mogelijk maakt rustig en professioneel te werken en zich te specialiseren om gelijke tred te houden met de tijd. Maar omgekeerd kunnen zij geen aanspraak maken op een hoog salaris, als zij niet goed voorbereid zijn.

Ouders en docenten moeten samen vragen dat de staat meer middelen bestemt voor school, omdat het een eeuwige verleiding is te regeren met panem et circenses, een beetje geldelijke verdiensten en doekjes voor het bloeden en veel vermaak van lage kwaliteit, dat in wezen een afleidingsmanoeuvre is. Wetenschappelijke en linguïstische laboratoria, een professionaliteit, aangepast aan de arbeidsmarkt, werkgelegenheid, mogelijkheden om zich in te voegen in de nieuwe scenario's van de globalisering zijn nuttig.

Het gezin heeft de school nodig, omdat het ondenkbaar is dat het alleen de hele taak van de opvoeding kan verrichten. En het moet vertrouwen kunnen hebben in de school: een vertrouwen dat ontstaat, wanneer de docenten laten zien dat zij zich ervan bewust zijn dat zij een kostbaar, uniek, onherhaalbaar leven in handen hebben.

Kerk en school

De Kerk wil samenwerken met de school, omdat de functie van de school is de weg naar de waarheid te tonen: de waarheid van de natuurkunde, de geschiedenis, de taal. Wij moeten de taal weten te gebruiken, die, zoals Heidegger, een van de grootste filosofen van de twintigste eeuw, zei, "het huis van het Zijn" is waarin wij wonen. De school onderwijst het juiste taalgebruik en maakt het zo mogelijk juiste relaties op te bouwen. De Babylonische spraakverwarring, de chaos, het steeds maar zijn toevlucht nemen tot rechtvaardigende uitdrukkingen zoals "ik wilde zeggen", "ik bedoelde", "voor mij" maken een dialoog en een leven in gemeenschap onmogelijk. Het geweld zelf ontstaat vaak uit het onvermogen zich uit te drukken: het is een toevlucht tot een primordiaal taalgebruik, tot een primitieve grofheid.

Zonder beheersing van de taal beperkt de Kerk zich tot een armzalig overleven. Maar het is niet de taak van de Kerk te leren hoe men zich moet uitdrukken, noch de wetten van de biologie en de economie te verspreiden. Om dit te doen is er de school, die van nature ernaar streeft steeds meer een authentiek heiligdom van de waarheid te zijn, waarin men de universele taal van de intelligentie spreekt. Haar zending is het de rationaliteit en de wil te ontwikkelen.

Een oprecht christelijk leven moet immers verlopen tussen De liefde voor de letteren en het verlangen naar God, zoals de titel van een klassiek werk uit de geschiedschrijving, een grootst fresco van de middeleeuwse beschaving, luidt. En tijdens de grote verbreiding van de Kerk in de negentiende en twintigste eeuw is het stichten van missies steeds gepaard gegaan met naast het bouwen van scholen (en ziekenhuizen) dat van kerken.

(Verzorgd door Michele Chiappo)

(Wordt vervolgd)

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)




[1] Paus Franciscus, Algemene audiëntie (20 mei 2015).

[2] Paus Franciscus, Toespraak tot de deelnemers aan de mondiale ontmoeting van de Directeuren van de "Scholas Occurrentes" (4 september 2014).

 



05/05/2017

 
Website van de missionaire Gemeenschap Redemptor hominis