Italiano Español Nederlands Français
Home arrow Geschriften van Emilio Grasso arrow Artikelen arrow Het mesties-gezicht van Maria. Verlossing en bevrijding van de onderdrukten van Latijns-Amerika/2
Afdrukken Verzenden naar een vriend





HET MESTIES-GEZICHT VAN MARIA

Verlossing en bevrijding van de onderdrukten van Latijns-Amerika/2


 

 

Maria van Guadalupe[1]

Voor Puebla "wordt de identiteit van Latijns-Amerika schitterend gesymboliseerd in het mestiezengezicht van Maria van Guadalupe, dat opkomt aan het begin van de evangelisatie"[2].

Johannes Paulus II zal in de openingstoespraak van de Conferentie van Santo Domingo "in de Heilige Maria van Guadalupe een groot voorbeeld van een volmaakt geïncultureerde evangelisatie" zien. "Immers, zo voegt de paus toe in de figuur van Maria worden vanaf het begin van de kerstening van de Nieuwe Wereld en in het licht van het evangelie van Christus authentieke inheemse culturele waarden opgenomen. In het mestiezengezicht van de Maagd van Tepeyac wordt het grote beginsel van de inculturatie samengevat: de innerlijke verandering van de authentieke inheemse waarden door middel van een integratie in het christendom en het wortelen van het christendom in de verschillende culturen"[3].

Ook het Document van Aparecida benadrukt opnieuw het belang van Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe als teken van inculturatie van het geloof. Desbetreffend schrijven de bisschoppen, bijeen om de 5e Conferentie van het Latijns-Amerikaans Episcopaat en de Caraïben te houden: "Het evangelie is in onze gebieden gekomen in een klimaat van een dramatische en ongelijke botsing tussen volken en culturen. De 'zaden van het Woord', aanwezig in de autochtone culturen, maakten het voor onze inheemse broeders en zusters gemakkelijker om in het evangelie de vitale antwoorden op hun diepste verlangens te vinden: 'Christus was de Heiland naar wie zij in stilte verlangden'. De verschijning van Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe was een beslissend ogenblik voor de verkondiging en de erkenning van haar Zoon, een pedagogie en teken van inculturatie van het geloof, een manifestatie en hernieuwde missionaire impuls voor de verbreiding van het evangelie"[4].

In 1519 komt Hernán Cortés Mexico binnen en in 1521 verovert hij de hoofdstad van het keizerrijk van de Azteken. Tien jaar later (op 9 december 1531) beginnen de gebeurtenissen in Guadalupe.

Op dat ogenblik was de situatie voor de inheemse wereld zeer moeilijk: politiek en militair verslagen en vernederd, bedreigd door de pokken en andere ziekten die door de indringers waren meegebracht.

Getuige en slachtoffer van deze tragedies is Juan Diego, inboorling van Cuautitlán, sinds kort bekeerd en gedoopt.

Terwijl Juan Diego zich naar de kerk van Santa Cruz begaf om aan de catechismuslessen deel te nemen, hoorde hij een zoet gekweel, een melodieus gesjilp van zeer mooie en bonte vogels die de echo herhaalde als een hemelse muziek. Terwijl hij om zich heen keek, hield het gezang onverwachts op en hoorde hij een verre stem van omhoog die hem riep: "Iuantzin Juan Diegotzin". Deze woorden zijn altijd vertaald met "Juanito, Juan Dieguito" en daarmee werd aan het feit een ontroerende betekenis van moederlijke en tedere liefde gegeven. Er moet echter worden opgemerkt dat in het náhuatl de uitgang tzin ook een uitgang is die eerbied aangeeft, dat wil zeggen, hij wordt toegevoegd om eerbied en respect aan te geven[5]. Zoals een goede moeder die een verwoest gezin wil herstellen, maakt Maria zich zorgen over de situatie en de noden van haar kinderen: "Ik verlang vurig dat er voor mij hier een tempel wordt gebouwd waar ik heel mijn liefde, medelijden, hulp en bescherming kan tonen omdat ik jullie barmhartige moeder ben aan jou, aan alle bewoners van dit land en de andere godvruchtigen die mij met vertrouwen aanroepen; ik verlang hun klachten te horen en genezing te bieden voor hun verdriet, voor alle moeilijkheden en lijden". Voorafgaand aan deze woorden was de barmhartige moeder van het volk van Juan Diego verschenen als "de Heilige Maria, altijd Maagd, Moeder van de ware God, bron van leven, van de Schepper die alles omvat, de Heer van hemel en aarde".

Bij de tweede verschijning antwoordt de Heilige Maagd ten opzichte van het "vurige gebed" van Juan Diego de opdracht aan een belangrijker iemand toe te vertrouwen, omdat de bisschop, "hoewel hij mij vriendelijk heeft ontvangen, maar mij niet heeft geloofd", het volgende: "Luister, mijn zoon, mijn jongste, weet dat er veel dienaars en dienaressen van mij zijn die mijn opdrachten zouden kunnen uitvoeren, maar het is noodzakelijk dat jij mij helpt". Opmerkelijk is dat Juan Diego de Maagd Maria "Vrouwe, de kleinste van mijn dochters, mijn Kind" noemt.

Aan het einde van de vierde verschijning bestijgt Juan Diego de kale heuvel om verse, schitterende rozen (uit Castilië) te plukken, die buiten het seizoen zijn ontloken, heerlijk geuren en vol dauw zijn. Hij verzamelde ze in zijn ayate (ruwe mantel) en ging opnieuw op weg. Bij het bisschoppelijk paleis aangekomen, knielde hij voor de bisschop en na de ontvangen boodschap te hebben herhaald opent hij de witte mantel die hij tot dan toe aan zijn borst had geklemd. Zo vielen alle rozen (van Castilië) verspreid op de grond en verscheen er onverwachts op de ayate het zeer mooie beeld van de Moeder van God, altijd Maagd, die men nu nog kan zien in haar tempel van Tepeyac, die de naam Guadalupe draagt.

De betekenis van Guadalupe

Virgil Elizondo schrijft: "Om de reactie van Juan Diego en het Mexicaanse volk te begrijpen is het noodzakelijk de gebeurtenis niet volgens de geestelijke categorieën die eigen zijn aan het Westen, te beschouwen, maar volgens het communicatiesysteem dat eigen is aan de taal van die tijd. Wat voor de Spanjaarden alleen maar een verschijning was, was voor het Mexicaanse volk, dat was veroverd en gedoemd was te verdwijnen, de wedergeboorte van een nieuwe beschaving"[6].

Wij geven enkele fundamentele elementen weer die Guadalupe volgens de woorden van Johannes Paulus II doen oprijzen tot "het grote voorbeeld van een volmaakt geïncultureerde evangelisatie"[7].

1. De Maagd verschijnt op de heilige heuvel van Tepeyac, een van de vier belangrijkste plaatsen waar in Midden-Amerika offers werden gebracht. Het was het heiligdom van Tonantzin, de moeder-maagd van het inheemse pantheon.

2. De Maagd spreekt náhuatl, de taal van de veroverden en overwonnenen en niet van de veroveraars en overwinnaars.

3. Volgens de náhuatl-filosofie is de enige ware en authentieke zaak op aarde de poëzie: de bloemen en het gezang die heel de schoonheid, waarheid, grootsheid, het mysterie van de godheid in zich sluiten waren het middel van communicatie met Omtolt, de (enige?) god van alle natuurkrachten.

4. Ook al waren er verschrikkingen en rampen, de weg van de "bloemen en het gezang" bleef altijd open voor een terugkeer van God.

5. Bovendien was het gewaad van de Maagd licht rood, de kleur van het bloed dat werd vergoten bij de offers, en de kleur van Huitzilopopchtli, de god die het leven schonk en beschermde. Het bloed van de inboorlingen was vergoten op Mexicaanse grond en had moeder aarde vruchtbaar gemaakt, die nu een nieuw schepsel had voortgebracht. Rood was ook de kleur van het Oosten, waar de zon zegevierend opgaat na te zijn ondergegaan en te zijn verdwenen gedurende de nacht.

6. De Vrouwe droeg geen masker, zoals alle inheemse goden, en haar expressief gezicht vol medelijden gaf buiten de woorden van eerbied en respect en de belofte van bescherming te verstaan dat zij de barmhartige moeder van allen was.

7. De meest veelzeggende bijzonderheid was de vraag van de kant van de Vrouwe naar een tempel. Tegenover de verbrande en verwoeste tempel van de inheemsen, die het symbool van het einde van de beschaving en de traditie van de Indios was, was er de vraag naar een tempel. Deze vraag betekende niet alleen het bouwen van een gebouw waar haar beeltenis kon worden vereerd. Het betrof in werkelijkheid een vraag naar een nieuwe levensstijl. Het zou de continuïteit betekenen met het verleden, ook al zou die levensstijl dit verleden radicaal overtreffen. In werkelijkheid was een beschaving geëindigd, maar verrees een andere, nieuwe uit dezelfde moeder aarde.

8. De boodschap van Guadalupe gaat de deterministische visie op de geschiedenis te boven. Zoals "Maria de protagoniste van de geschiedenis is door haar vrijwillige medewerking, tot de hoogste deelname met Christus gebracht"[8], zo "wordt" ook Juan Diego, "de kleinste", geroepen zich niet aan zijn zending te onttrekken en zijn hulp te verlenen.

9. Evenals Maria, "de ideale arme van het Rijk van God"[9]., zo wordt Juan Diego, die bekent "een arme mens, een fijn koord, een houten laddertje, een staart, een blad dat uit arme mensen komt", te zijn, met zijn gehoorzaamheid, die actieve samenwerking met het aanhoorde Woord is, zoals Elizondo schrijft "een symbool van de armen en de verdrukten die weigeren zich te laten verwoesten door de heersende klasse. Het doel van de geschiedenis van de verschijning was de aartsbisschop van gedachte te doen veranderen, opdat hij op zijn beurt de veroveraars ervan overtuigde het plan voor de opbouw van een centrum van hun macht, hun regering, hun cultuur, hun godsdienst te laten varen om daarentegen het volk tegemoet te gaan, dat aan de rand van de maatschappij in armoede en ellende bleef leven"[10].

10. Met Guadalupe hebben wij een overgang van Maria Veroveraar naar Maria de Bevrijdster van de armen en de verdrukten. In haar woorden tot Juan Diego: "...laat er voor mij een tempel worden gebouwd... waar hun klachten kunnen worden gehoord en genezing kan worden verschaft voor al hun ellende, pijn en verdriet...", hebben wij een parallel met de woorden waarmee Jahwe Mozes zijn zending geeft: "Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte gezien en de jammerklachten om zijn onderdrukkers; ik ken zijn lijden. Ik daal af om het te bevrijden..."[11].

(Wordt vervolgd)

  (Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)



[1] Vgl. V. Maccagnan, Guadalupe, in Nuovo Dizionario di Mariologia. A cura di S. De Fiores - S. Meo, Edizioni Paoline, Cinisello Balsamo (Milano) 1985, 655-669; vgl. P. Canova, Guadalupe dalla parte degli ultimi. Storia e messaggio, Edizioni Istituto San Gaetano, Vicenza 1984; vgl. A. Alcalá Alvarado, El acontecimiento guadalupano en la evangelización americana, in Pontificia Commissio pro America Latina, Historia de la evangelización de América. Trayectoria, identidad y esperanza de un Continente. Simposio internacional. Ciudad del Vaticano, 11-14 de mayo de 1992. Actas, Libreria Editrice Vaticana, Ciudad del Vaticano 1992, 727-742. Voor het verhaal van de verschijningen verwijzen naar deze teksten, aangevuld met enkele opmerkingen van González Dorado, in A. González Dorado, De la María Conquistadora..., 26-31. De gebeurtenis van Guadalupe blijft onderwerp van studie, onderzoek en wetenschappelijke congressen. Zij wordt in elk van de elementen en de personen ervan onderzocht in nauw verband met het historisch proces van de katholieke gewetensvorming op het Amerikaanse continent. Vgl. F. González Fernández - E. Chávez Sánchez - J.L. Guerrero Rosado, El encuentro de la Virgen de Guadalupe y Juan Diego, Editorial Porrúa, México 1999; vgl. Guadalupe. Evangelizzazione e storia dell'America. Atti del convegno svoltosi all'Ateneo pontificio "Regina Apostolorum". Roma, 21 marzo 2003. A cura di P. Scarafoni - F. González, Libreria Editrice Vaticana, Città del Vaticano 2004; vgl. F. González Fernández, Guadalupe: pulso y corazón de un pueblo. El Acontecimiento Guadalupano, cimiento de la fe y de la cultura americana, Ediciones Encuentro, Madrid 2004.

[2] Document van Puebla, 446.

[3] Document van Santo Domingo, 24.

[4] Document van Aparecida, 4.

[5] Vgl. C.L. Siller, Anotaciones y comentarios al Nican Mopohua, in "Estudios Indígenas" VIII, 2 (1981) 227. Cit. in A. González Dorado, De la María Conquistadora..., 29.

[6] V. Elizondo, Nostra Signora di Guadalupe simbolo di una cultura: "la forza dei deboli", in "Concilium" 13 (1977) 211. Wij volgen hier enkele verwijzingen van de auteur.

[7] Document van Santo Domingo, 24.

[8] Document van Santo Domingo, 104.

[9] E. Peretto, Povera, in Nuovo Dizionario di Mariologia..., 1134.

[10] V. Elizondo, Nostra Signora di Guadalupe..., 215.

[11] Ex. 3, 7-8.

 



15/12/2017

 
Website van de missionaire Gemeenschap Redemptor hominis