Italiano Español Nederlands Français
Home arrow Geschriften van Emilio Grasso arrow Artikelen arrow De waarde van de kleine dingen
Afdrukken Verzenden naar een vriend






DE WAARDE VAN DE KLEINE DINGEN

 

     

Ik ben snel op weg naar de laatste dagen van mijn leven en ik dank God dat Hij mij een nog altijd wakker en helder geheugen heeft gegeven: een geheugen dat meer dan als in een dood archief een oneindig aantal gegevens op te slaan, die vervolgens men niet weet te gebruiken en nergens toe dienen, altijd zeer selectief is geweest en tussen verschillende opties wist te kiezen wat voor mij nuttig was om te komen tot het doel dat ik mij tevoren had gesteld.

Het is ook op grond van mijn natuurlijke geaardheid dat ik, ook al erken ik zonder enige minachting de grote verworvenheden van de moderne technologie, op het gebied van de informatica, een analfabeet ben gebleven en ik met de hand blijf schrijven en onderzoek blijf doen met het bladeren door boeken, zonder ooit aantekeningen te maken van wat ik lees, en me ooit de luxe te permitteren in een boek te onderstrepen.

Een boek is een rijkdom die meer mensen moet dienen.

Wanneer er in een boek is onderstreept, of in de kantlijn aantekeningen zijn gemaakt, verliezen wij het contact met de auteur en lezen wij op een wijze waaraan al richting is gegeven door vorige lezers.

Telkens wanneer ik in een bibliotheek een boek vind met onderstrepingen, komt bij mij de gedachte op dat misschien wie dat heeft gedaan, of een hoogmoedig iemand is die zich beschouwt als een groot commentator die belangrijker is dan de auteur, of een egoïst die niet eraan denkt dat anderen na hem moeten kunnen teruggaan tot die bron en deze niet bedorven mogen vinden.

Het gebruik van de gemeenschappelijke dingen, en die van strikt privégebruik zouden zeer weinig moeten zijn, zou vanaf jongs af aan geleerd moeten worden.

Het eerste dat ik de kindertjes van de catechese uitleg, is dat het respect en de liefde voor de ander beginnen bij het toilet dat wij gebruiken, schoon achter te laten.

Armoede wil niet zeggen smeerboel. Het heeft heel weinig nut zeer veel zogenaamd hoogvliegende verhalen en het ene na het andere gebed op te zeggen, wanneer men vervolgens niet doortrekt en degene die na ons de w.c. binnenkomt, een smerig toneel aantreft.

Na in zeer veel parochies en religieuze instellingen waar ik ben geweest, je hoofd te hebben gevuld met zoveel verhalen over de naastenliefde, het respect voor de ander, de sacraliteit van het lichaam, de balsem van Bethanië en zoveel andere, dergelijke dingen, moest je je neus dichtstoppen en de lieve God bidden niet een infectie te krijgen, als je een toilet op ging.

Toen ik kind of jonge man was (want ook wij oudjes die rijp voor de sloop zijn, zijn eens jong geweest en ook jongeren zullen oud worden, als ze tenminste niet eerder door moeder natuur zijn gesloopt...) dacht ik alles en droomde van alles in het groot.

De kleine dingen irriteerden mij, zij leken mij te kortwieken en het mij niet toe te staan grote vluchten naar oneindige horizonten te maken.

Alles wat klein was, was iets dat ik maar heel moeilijk accepteerde. Ik herinner me dat ik ‘s avonds, vooral in de winter, zo snel mogelijk naar bed ging om met open ogen te blijven dromen, om de fameuze luchtkastelen te bouwen, die vervolgens ook wie ze maakt, met zich meeslepen, de lucht in, totdat een wijze stem je tot werkelijkheid terugroept en zegt: "Kom op, neerkomen, bluffer!...".

Vervolgens ben ik heel langzaam mij beginnen te vergelijken met degenen die met mij samenleefden, met de omgeving waarin ik was geplaatst, met mijn authentieke levensomstandigheden in al hun aspecten.

En zo ben ik het belang van rekenen beginnen te begrijpen, in te zien dat men vanaf nul begint, als men tot hogere en oneindige nummers wil komen.

Het "alles en onmiddellijk" willen, het "laten wij de hemel bestormen", "de verbeelding aan de macht"... en andere, dergelijke slogans zijn ook nog sympathiek, als ze op een zaterdagavond in de lente worden geroepen door jongeren die nog niet droog achter de oren zijn en voor wie semel in anno licet insanire (eenmaal per jaar het geoorloofd is gek te doen).

Maar met slogans bouwt men geen leven op.

En hier keert het opvoedkundig, diep menselijk en christelijk verhaal weer terug van de wijsheid van het uitgaan van de kleine dingen. Van het niet verachten van hetgeen klein, arm, broos, schijnbaar onbetekenend en waardeloos is.

Er is een opvoeding tot geleidelijkheid, tot het vermogen een verhaal te houden dat op verschillende niveaus in de alledaagsheid van ons leven overdraagbaar is.

Wij moeten in de hemel aankomen, maar wij mogen nooit vergeten wat onze werkelijke en niet-utopistische (buitenwereldse) mogelijkheden zijn.

De grote Franse filosoof Jacques Maritain sprak, wat dit betreft, over een "concreet, historisch ideaal", dat Paulus VI, wiens denken zeer werd beïnvloed door het werk van Maritain, "beschaving van de liefde" zal noemen.

Het betreft het bouwen van een "Broederlijke Stad", waarvan de maatschappelijk-politieke structuren steeds meer de volmaaktheid zullen naderen, in een voortdurende spanning tussen het reeds verwezenlijkte en het nog niet verwezenlijkte, in een proces waarvan het doel geleidelijk wordt bereikt.

Als wij niet opnieuw uitgaan van het fragment, het schijnbaar nutteloze, van de kleinste dingen, van de w.c.-pot..., zal elk verhaal alleen maar een mooie, gekleurde ballon blijven die naar de hemel vliegt, maar na korte tijd leegloopt en voor altijd verdwijnt.

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)





08/09/2017

 
Website van de missionaire Gemeenschap Redemptor hominis